Eenheid 8 / 11

Verhalen en sprookjes creëren: lesgeven met verhaal

Winst:

  • Vermogen om originele verhalen te creëren met korte en positieve eindes, specifiek voor een bepaalde leeftijd, thema en waarde, met kunstmatige intelligentie
  • In staat zijn verhalen te creëren die interactief zijn en het echte kind niet blootleggen, zonder te moraliseren door de waarde in de gebeurtenis te verankeren.
  • Mogelijkheid om het verhaal te controleren en te repeteren voordat het wordt verteld vanwege angst, geweld en culturele ongepastheid

Het verhaal is een van de krachtigste hulpmiddelen voor lesgeven op de kleuterschool. Terwijl het kind naar een sprookje luistert, heeft het kind niet alleen plezier; Taal ontwikkelt zich (nieuwe woorden, zinsbouw), fantasie- en luisterwerk, waarden (delen, eerlijkheid, moed, respect voor verschillen) worden geïnternaliseerd door concrete karakters en emoties worden vanaf een veilige afstand herkend. Een goede leraar kiest of verzint verhalen op basis van de behoefte van de dag: 'vriendschap' voor een nieuw kind, 'tandenfee' voor de angst voor tanden, een verhaal over het delen van het probleem van het delen. Maar het is moeilijk om het verhaal te vinden dat aan elke behoefte voldoet. In deze unit leren we AI te gebruiken om originele verhalen te produceren die specifiek zijn voor een bepaalde leeftijd, thema en waarde. Grens: AI produceert storyboards; De leeftijdsgeschiktheid van de inhoud, de correcte verwerking van de waarde en de culturele/veiligheidscontrole behoren toe aan de leraar.

Kenmerken van een goed voorschools verhaal

Om een ​​bruikbaar verhaal uit AI te halen, is het noodzakelijk om te weten wat een goed verhaal is. Voorschools verhaal: is kort (verteld in 5-8 minuten omdat de aandachtsspanne beperkt is), heeft een eenvoudige plot (een probleem, een paar stappen, een oplossing), bevat weinig en duidelijke karakters, gebruikt herhaling (het kind houdt van herhaling en houdt van raden), eindigt concreet en positief, bevat geen angst en geweld. De waarde die moet worden onderwezen is verweven in het verhaal; Het is geen ‘leszin’ die aan het einde blijft hangen, maar het natuurlijke gevolg van de gebeurtenis.

AI bouwt deze structuur heel goed op, zolang je maar wilt. Als je zegt: "Een origineel verhaal voor 3-4 jaar oud, 6 minuten, bevat herhaling, heeft een positief einde en gaat over de waarde van 'delen'", dan krijg je een concept dat zeer bruikbaar is. Maar soms kan de AI elementen toevoegen die niet bij de leeftijd passen (een enge scène, een ingewikkeld subplot); Het is jouw taak om ze te elimineren.

Tip: "Begraaf" de waarde in het verhaal en plak deze niet aan het einde. Als je tegen de AI zegt: 'Schrijf aan het eind geen morele leszin; laat de waarde uit de gebeurtenis zelf begrijpen', dan zal er voor het kind een veel effectiever en natuurlijker verhaal ontstaan.

Interactief en gepersonaliseerd verhaal

Een goed gebruik van AI is het interactieve verhaal: je kunt het verhaal vertellen door op bepaalde plekken te stoppen en te vragen “wat denk je dat er zal gebeuren?” Je kunt het laten installeren met stops om te vragen; Zo wordt luisteren omgezet in participatie. Je kunt het verhaal ook personaliseren aan de huidige situatie in de klas – maar hier geldt de regel van vertrouwelijkheid: plaats niet de naam en de situatie van een echt kind in het verhaal. Een algemeen personage als "een konijn dat nieuw is in de klas en het moeilijk vindt om vrienden te maken" doet hetzelfde werk zonder het echte kind te onthullen.

Het verhaal in een verhaal omzetten: de logica van bibliotherapie

Een kracht van het verhaal is dat het moeilijke emoties en situaties vanaf een veilige afstand behandelt; In het onderwijs heet dit bibliotherapie (emotionele ondersteuning door verhalen). Het kind kan niet rechtstreeks over zijn of haar angst, jaloezie of verlies praten; Maar het kijken naar een karakterervaring en het omgaan met dezelfde emotie wijst hem een ​​weg. Voor een kind met een nieuw broertje of zusje normaliseert het verhaal van "de oudere baby van een moedervogel met een nieuwe baby" de jaloezie en biedt het een uitlaatklep. Hier zijn twee regels belangrijk: ten eerste legt het verhaal de oplossing niet op, maar laat het zien – het personage vindt een manier, het kind maakt zijn eigen weg; Ten tweede wordt de emotie nooit beoordeeld, er wordt niet gezegd “jaloezie zijn is slecht”, er wordt gezegd “jaloezie zijn is normaal, er kan zo mee worden omgegaan”. Als je de AI vraagt ​​om een ​​verhaal voor bibliotherapie, zeg dan dit: “normaliseer de emotie, oordeel niet, leg de oplossing niet op, eindig positief en hoopvol.” Maar onthoud: ernstige situaties zoals diep trauma en verlies worden afgehandeld met deskundige ondersteuning, niet met verhalen; Het verhaal is een ondersteunend hulpmiddel, geen therapie.

Stap voor stap: verhaalgeneratie

  1. Bepaal het doel. Welke waarde/emotie/thema, welke leeftijd, voor hoe lang.
  2. Vraag om structuur. Kort, eenvoudig plot, weinig karakters, herhaling, positief einde.
  3. Begraaf de waarde. Houd de morele les niet aan het eind; uit de situatie komen.
  4. Beveiligings-/cultuurfilter. Zijn er horror, geweld, ongepaste elementen; Is het cultureel verantwoord?
  5. Interactie toevoegen (optioneel). Houdt op met de vraag "wat zal er gebeuren?" stel de vragen.
  6. Repetitie van de leraar. Lees hardop; Vloeit het, past het bij de leeftijd, houdt het de tijd bij?

drie minikoffers

Casus 1 — Een sprookje op maat. In één klaslokaal hadden kinderen problemen met het delen van speelgoed. De leraar vroeg YZ om "een origineel bosverhaal voor 4-jarigen, 6 minuten, met herhaling, dat de schoonheid laat zien van delen zonder morele lessen vast te houden." Hij las het ontwerp hardop voor en verwijderde een beangstigende scène. Nadat ik dit verhaal een week had verteld, was er een merkbare toename in het deelgedrag van de kinderen; Kinderen begonnen te zeggen "laten we ook delen", verwijzend naar het personage in het verhaal.

Geval 2 — Interactieve uitleg. Een docent vroeg de AI om een ​​interactief verhaal voor een groep met korte luistertijd: op drie plekken gaan staan ​​en vragen “wat denk je dat er nu gaat gebeuren?” Een structuur met een vraag. Als kinderen gokten, herstelde hun aandacht en nam de deelname aan het verhaal toe. De focustijd van de kinderen was aanzienlijk langer vergeleken met de dagen waarop ze hetzelfde verhaal duidelijk vertelden. De AI bouwde de structuur, de animatie was van de leraar.

Geval 3 — Vertrouwelijkheid en naleving. Toen een leraar om een ​​verhaal vroeg om een ​​pas aangekomen kind dat problemen had te troosten, wilde hij eerst zijn echte naam en situatie opschrijven. Toen stopte hij: dat zou de jongen ontmaskeren. In plaats daarvan wilde hij een 'nieuw in de klas, enigszins verlegen egel'-personage. Het verhaal deed hetzelfde: de jongen bevond zich in het personage, maar niemand wees hem aan. Ook werd de ‘verloren en bange’ scène afgezwakt die de AI had toegevoegd.

Vier kopieerbare sjablonen

1) Origineel, op waarden gebaseerd verhaal:

Schrijf een ORIGINEEL verhaal voor kinderen van 3 tot 4 jaar dat ongeveer 6 minuten duurt als het voorgelezen wordt. Thema: "eerlijkheid". Eenvoudig enkel plot, niet meer dan 3 karakters, een terugkerend patroon, positief einde. Geen angst/geweld. Plak de morele les niet op het EINDE; Laat eerlijkheid uit het incident blijken.

2) Interactief verhaal:

Schrijf een interactief verhaal voor 4-5-jarigen: het bevindt zich op 3 punten in het verhaal en vraagt: "Wat denk je dat er nu gaat gebeuren?" Laat een vraag achter van het type. Thema is "moed", ~5 minuten, positief einde, geen enge elementen. Markeer de locatie van de vragen in het formaat [STOP: vraag].

3) Verhaal over emotieherkenning:

Schrijf een origineel, kort verhaal over 'omgaan met woede' voor 4-jarigen. Een personage wordt boos en kalmeert op een gezonde manier (ademen, tellen, om hulp vragen). Wees niet veroordelend; Normaliseer de emotie. Sluit concreet en positief af.

4) Aanpassing aan leeftijd/geschiktheid:

Pas het volgende verhaal aan voor 3 jaar: [plak het verhaal]. Verkort de zinnen, vereenvoudig moeilijke woorden, vereenvoudig de plot, verwijder eventuele enge/complexe elementen. Verkort de tijd tot ~ 4 minuten.

Zwakke prompt/sterke prompt

Zwakke prompt:

Schrijf mij een sprookje.

Geen leeftijd, thema, duur, waarde, veiligheid; Er kan een tekst verschijnen die te lang, complex of ongepast is.

Krachtige prompt:

Schrijf voor kinderen van 3 tot 4 jaar een ORIGINEEL verhaal van ~6 minuten. Thema is ‘vriendschap’. Eenvoudig plot, maximaal 3 karakters, geen herhalend patroon, positief einde, geen horror/geweld. Gebruik geen moraliserende zinnen; laat vriendschap uitgesloten zijn. Houd de zinnen kort en concreet.

artikel

Bij zwakke wil

In de sterke wil

Duur/lengte

onzeker

Geschikt voor de leeftijd, kort

Verwerking van waarde

les lijmen

ingebed in evenement

Beveiliging

Zonder toezicht

Horror/geweld geëlimineerd

beschikbaarheid

laag

hoog

Veel voorkomende fouten

  • De morele les aan het einde vasthouden. De waarde moet uit de gebeurtenis komen, het mag niet prekerig zijn.
  • Lang/complex verhaal voor leeftijd. De jongere leeftijd houdt vast aan het korte, repetitieve verhaal met één gebeurtenis.
  • Het omzeilen van de veiligheidscontrole. Enge/gewelddadige elementen moeten worden geëlimineerd.
  • Het echte kind in het verhaal plaatsen. Gebruik algemene karakters; Niet openbaar maken.
  • Vertellen zonder repetitie. Lees het hardop en test de stroom en de duur.
Let op: AI kan cultureel vreemde of leeftijdsongepaste elementen in een verhaal introduceren (een eng wezen, een doodsthema, een complex subplot). Zorg ervoor dat u het verhaal van begin tot eind leest voordat u het aan kinderen vertelt; Als u denkt dat ook maar één zin niet bij uw groep past, verwijder deze dan.

Samengevat

Het verhaal is het krachtigste instrument voor taal-, verbeeldings-, waarden- en emotie-educatie in de kleuterklas. AI is een tekentool die zeer goed in staat is om originele verhalen te produceren – inclusief interactief en gepersonaliseerd – specifiek voor een bepaalde leeftijd, thema en waarde. Maar een goed verhaal is kort, eenvoudig, repetitief, positief en veilig; De waarde is ingebed in de gebeurtenis en niet aan het einde geplakt. Veiligheid en culturele controle, het niet onthullen van het echte kind, en repeteren zijn de taak van de leraar.

Applicatie taak

Identificeer een huidige behoefte (een waarde of gevoel) in uw klas. Krijg een verhaal van AI met de sjabloon ‘op waarden gebaseerd origineel verhaal’; Zorg ervoor dat de morele les niet tot het einde doorgaat. Lees het verhaal hardop voor, meet de tijd en verwijder alle ongepaste/enge elementen. Voeg desgewenst een vraag van drie stops toe met de sjabloon 'Interactief verhaal'. Leg het klassikaal uit en noteer de reacties van de kinderen.

controlelijst

  • [ ] Is het verhaal kort en eenvoudig genoeg voor de leeftijd?
  • [ ] Is de waarde ingebed in de gebeurtenis (geen plakles)?
  • [ ] Is het horror/geweld/ongepaste element geëlimineerd?
  • [ ] Heb ik een algemeen karakter gebruikt zonder het echte kind te onthullen?
  • [ ] Heb ik de tijd gerepeteerd en gemeten voordat ik ging vertellen?